GESCHIEDENIS - Singapore


"temasek"


Chinese handelaren voeren al sinds de 5e eeuw langs het huidige Singapore in de richting van India. Van deze vroegste tijden is verder zeer weinig bekend ook al is duidelijk dat de stad toen bekend stond als “Temasek”. In de 7e eeuw was Sjriwijaya, een boeddhistisch koninkrijk gevestigd in Palembang op Sumatra, de heerser over Straat van Malakka, een belangrijke handelsroute. Singapore maakte vanaf de 8ste eeuw deel uit van het Sjriwijaya-rijk en was op dat moment nog niet meer dan een handelspost. In de 10e eeuw heerste dit rijk ook over het Maleis schiereiland. Door overvallen van rivaliserende koninkrijken en de komst van de islam verloor Sjriwijaya in de 13e eeuw de controle over het gebied. Het Thaise koninkrijk Ayutthaya poogde zelfs de stad te onderwerpen, maar de invasie werd afgeslagen. Het sultanaat Malakka nam de macht al snel over en Singapore ontwikkelde zich in de 13de en 14de eeuw tot een welvarend handelscentrum tot het in 1377 verwoest werd door Javanen en de bewoners uitweken naar Malakka. Het eiland behoorde daarna als indirect bestuurd gebied tot het Madjapahit-rijk. Rond het begin van de 15e eeuw werd “Temasek” hernoemd in “Singapura”, wat zou zijn afgeleid maar van sing (Sanskriet voor "steen"). Toen de Portugezen Malakka overnamen en de lokale heersers wegjoegen zou het Johor rijk ontstaan in het zuiden van Maleisië. Ook Singapore zou door dit rijk worden opgenomen.


Engelse overheersing


De Engelsen hadden al steunpunten in Penang en zouden tijdens de Franse overheersing in Nederland de administratie overnemen, op hun hoede voor Franse inmenging. Nadat de Nederlanders terug waren in Malakka vonden de Engelsen dat ze een nieuw steunpunt nodig hadden tussen India en China. Velen waren het oneens dat de bezittingen zomaar werden teruggegeven aan Holland waaronder Engelsman Sir Thomas Raffles, toen luitenant-gouverneur van Java. Singapore was nog onderdeel van het Johor rijk; de sultan was net overleden en omdat z’n jongste zoon met de Nederlanders samenwerkte kozen de Engelsen voor de oudste zoon die rechtmatig troonopvolger was maar niet aanwezig. De “Raffles” wilde een verdrag met de oudste zoon ‘Hoessein” en raakte in conflict met de Hollanders. Er heerste in de hele regio tumult over opvolging van de oude heerser. In 1824 werd een verdrag getekend dat de hele regio in tweeën hakte; de Nederlanders zouden heel Indonesië krijgen terwijl Maleisië (en Singapore) aan de Engelsen liet. Het zou samen met o.a. Penang en Malakka “Straits settlements” genoemd worden. Singapore was toentertijd niet meer dan een klein vissersdorp met wat Chinese boeren. Raffles stichtte een handelspost en legde daarmee de basis van het huidige Singapore. Hij liet een heuvel afgraven, maakte een stadsplan voor verschillende wijken voor verschillende bevolkingsgroepen (Europeanen, Maleisiërs, Indiërs en Chinezen) en liet brede wegen aanleggen voor winkels, kantoren en woonhuizen.


De groei onder “Raffles”


Vrijhandel, het aantrekken van kolonisten, de natuurlijke voordelen van de haven en vooral de grote toevloed van Chinezen waren de factoren die het vissersdorpje nog in de 19de eeuw deden uitgroeien tot een grote stad. Door het grote aantal Chinezen was Raffles gedwongen om met hen samen te werken. De Chinezen waren georganiseerd in zogenaamde “kongsi”, clans van rituele broederschappen, triades en geheime genootschappen. Deze kongsi’s werden steeds belangrijker in de ontwikkeling van Singapore in de negentiende eeuw, met name de handel in peper, tin en rubber groeide enorm. De grootste winstmaker was echter de handel in opium die van India naar China getransporteerd werd. De opbrengsten uit deze handel, maar ook van de eigen opiumboerderijen bedroegen tot in de twintigste eeuw de helft van alle inkomsten. 

 

Op 1 april 1867 werden de Straits Settlements een kroonkolonie van de Britten onder jurisdictie van de “Colonial Office” in Londen. Door de opkomst van het stoomschip en de opening van het Suez-kanaal in 1869 werd Singapore nóg belangrijker voor de schepen uit Europa die naar Oost-Azië voeren. In de jaren zeventig van de negentiende eeuw werd Singapore het belangrijkste centrum van de rubberhandel. Voor het einde van de negentiende eeuw steeg de welvaart naar ongekende hoogte en de handel verachtvoudigde tussen 1873 en 1913. De welvaart trok natuurlijk ook veel immigranten aan, met name Chinezen. In 1860 bedroeg het aantal Chinezen 61,9% van de bevolking, Indiërs 16,5%, Maleisiërs 13,5% en Europeanen 8,5%.


WW2


In 1941 veroverden de Japanners al delen van Maleisië maar Singapore waande zich onverslaanbaar als bastion zijnde. Het was uitgegroeid als Engelands belangrijkste marine steunpunt in de regio en had een zeer modern verdedigingssysteem gebouwd. Aan de zeezijde was deze inderdaad met krachtige artilleriebatterijen verdedigd, maar aan de kant van de smalle waterweg die het eiland van het vasteland scheidde was er van serieuze verdedigingswerken geen sprake. Een voorbode was toen de Japanners op 8 december 1941 de stad bombardeerden. Twee van Engelands belangrijkste marineschepen werden zonder noemenswaardige feiten getorpedeerd en Maleisië werd nagenoeg gemakkelijk ingenomen door het Keizerlijke leger van Japan. De Japanners, die door spionnen de situatie goed kenden, vielen het eiland daarom van de landzijde aan. De Britten werden verslagen en gaven zich over op 15 februari 1942. De toenmalige opperbevelhebber generaal Arthur Ernest Percival verklaarde dat hij tot overgave was gedwongen door een nijpend tekort aan voedsel, water, brandstof en munitie. De capitulatie werd door Winston Churchill de 'grootste ramp en capitulatie in de Britse geschiedenis' genoemd. Singapore stad werd door de Japanners “Sjonanto” genoemd. De plaats Changi, waarbij de huidige luchthaven is gelegen, werd door hen als interneringskamp gebruikt. De Japanse bezetting van Singapore duurde tot september 1945, waarna de Engelsen het weer in bezit namen. Het eiland zou tot maart 1946 onder militair bestuur blijven staan. Maar de trots van het Britse Rijk was na het snelle verlies van het bastion was geknakt. Verandering was in aantocht.


“Lee Kuan Yew”


Direct na de overname werd het “Straits Settlement” opgeheven, maar de op China georiënteerde bevolking, die zich ook tegen de Japanners had verzet, bleef nog lang onrustig. Op 1 april 1946 werd Singapore een kroonkolonie en Penang en Malakka werden onderdeel van de Maleise Unie in 1946 en van de Federatie Maleisië in 1948. Op 20 maart 1948 vonden de eerste verkiezingen in Singapore plaats. In juni 1948 werd de noodtoestand uitgeroepen omdat de Communistische Partij van Malaya dreigde om Singapore met geweld in te nemen. Deze noodtoestand zou twaalf jaar duren. Tegen het einde van 1953 benoemde de Britse regering een commissie die de constitutionele positie van Singapore moest onderzoeken en aanbevelingen doen voor veranderingen. Deze voorstellen werden door de regering geaccepteerd en dienden als basis voor een nieuwe grondwet die Singapore een grotere mate van zelfstandigheid zou geven. De verkiezingen van 1955 waren de eerste politíeke verkiezingen die in Singapore gehouden werden. David Marshall werd op 6 april 1955 de eerste “chief-minister”. Marshall trad op 6 juni 1956 af na het afbreken van de onderhandelingen in Londen over volledig intern zelfbestuur. Lim Yew Hock, Marshall’s plaatsvervanger en Minister van Arbeid, volgde Marshall op als minister-president. De door Lim Yew Hock aangevoerde missie in maart 1957 had meer succes. Op 28 mei 1958 werd de “Constitutional Agreement” in Londen ondertekend en in 1959 werd zelfbestuur bereikt. In mei 1959 werden er voor het eerst volledige algemene verkiezingen gehouden (51 leden). Op 3 juni 1959 werd de nieuwe grondwet in werking gesteld, Singapore’s zelfbestuur uitgeroepen en werd Sir William Goode het eerste staatshoofd. De eerste regering werd op 5 juni ingezworen met Lee Kuan Yew als Singapore’s eerste minister-president.


Federatie Maleisië


De coalitie in het parlement van de gematigde People’s Action Party en de Communistische Partij werkte vrij moeizaam samen. De PAP wilde volledige onafhankelijkheid voor Singapore als onderdeel van een non-communistisch Maleisië; de communisten streefden naar een puur communistische staat. De spanningen tussen beide partijen leidden in 1961 tot een breuk tussen de twee partijen. Een andere grote partij in deze strijd waren de Maleiers die akkoord gingen met het samengaan in een federatie met Malaya. De Britten zouden dan de controle houden over buitenlandse zaken, defensie en binnenlandse veiligheid. Op 27 mei 1961 stelde de Maleise minister-president Rahman voor om de politieke en economische samenwerking tussen Maleisië, Singapore, Sarawak, Noord-Borneo en Brunei te verstevigen. Men wilde dan een gezamenlijk beleid ten aanzien van defensie, buitenlandse zaken en binnenlandse veiligheid. Zaken als onderwijs en arbeid bleven de verantwoordelijkheid van de afzonderlijke partners. Een op 1 september 1962 in Singapore gehouden referendum toonde aan dat de overgrote meerderheid van de bevolking vóór de plannen was. De Federatie Maleisië werd gesticht op 16 september 1963, behalve Brunei dat zich terugtrok. Indonesië en de Filippijnen waren fel tegen deze fusie. Daar de staatsregering van Singapore en de federale regering van Maleisië moeilijk met elkaar overweg konden, werd Singapore op 9 augustus 1965 uit de federatie gestoten. Op 21 september werd Singapore toegelaten tot de Verenigde Naties.



Singapore onafhankelijk


Op 12 december 1965 werd de republiek Singapore uitgeroepen met als eerste president Yusof bin Ishak. Er werd meteen een zeer uitgebreid industrieel plan opgesteld en er werden vele industrieterreinen nieuw gebouwd of uitgebreid. Er werden ook enkele wetten aangenomen, allemaal erop gericht om de ontwikkeling van de economie vrij baan te geven. In 1971 trokken de laatste Britse troepen zich terug uit Singapore. Singapore ging de jaren zeventig van de 20e eeuw in als een politiek stabiele staat met een zeer hoge economische groei. Het parlement bestond al die tijd in feite maar uit één partij. Singapore groeide uit van een arm derdewereldland tot een van de welvarendste landen ter wereld. De Nederlandse econoom Albert Winsemius speelde hierbij als adviseur een belangrijke rol. De haven van Singapore was een van de drukste havens van de wereld geworden, het inkomen per hoofd van de bevolking was opeens vergelijkbaar met dat van westerse landen.  

 

Bij alle verkiezingen tot nu toe behaalde de PAP onder leiding van de Lee Kuan Yew de overgrote meerderheid of soms zelfs alle zetels! Lee Kuan Kew voerde een straf binnenlands beleid. De vakbeweging werd monddood gemaakt en politieke tegenstanders werden, vaak onder beschuldiging van communistische sympathieën, gevangengezet of uitgewezen. In 1990 nam Goh Chok Tong het van Lee Kuan Yew over en werd daarmee pas de tweede minister-president sinds 1959. Het werd echter snel duidelijk dat de oud-premier als 'senior-minister' nog een belangrijke rol achter de schermen bleef spelen. In 1997 won de PAP opnieuw de verkiezingen met 81 van de 83 zetels! Op 28 augustus werden de eerste vrije presidentsverkiezingen gehouden. De eerste democratisch gekozen president van Singapore werd Ong Teng Cheong die echter in februari 2002 aan longkanker overleed.


20ste eeuw


De regerende Volks Actie Partij (PAP) won in 2006 de parlementsverkiezingen. De partij kreeg 82 van de 84 gekozen zetels, waarvan 37 bij gebrek aan een tegenkandidaat. De overige twee zetels gingen naar de Arbeiderspartij. Het waren de eerste verkiezingen sinds Lee Hsien Loong in 2004 Goh Chok Tong opvolgde als premier. In 2008 en begin 2009 krijgt Singapore te maken met een recessie. In juli 2009 zijn er tekenen van herstel. President van Singapore is sinds 1 september 2011 Tony Tan Keng Yam. In november 2012 krijgt Singapore te maken met de eerste staking sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw. In juni 2013 vroeg Singapore Indonesië actie te ondernemen tegen de bosbranden. De lucht in Singapore was zeer vervuild. In maart 2014 reguleerde Singapore als tweede land in de wereld virtuele geldstromen zoals de Bitcoin. Op 23 maart 2015 overleed Lee Kuan Yew, de eerste premier van Singapore, op 91-jarige leeftijd. In september 2015 zijn parlementsverkiezingen gehouden, de PAP won 83 van de 89 te winnen zetels. 

 

Singapore is voor de derde keer op rij de duurste stad om te wonen. De EIU riep Singapore in Maart 2016 net als de voorgaande twee keer ook uit tot duurste stad, maar de voorsprong wordt steeds kleiner. Vooral prijzen van transport en kleding zijn hoog in Singapore, evenals de prijzen in de dienstensector. Boodschappen zijn er relatief betaalbaar.