Bezienswaardigheden - Kosovo

"pristina"




inleiding


Pristina is de hoofdstad van Kosovo en is tevens het economische en culturele centrum van het land. De stad bestaat vooral bestaande uit etnische Albanezen, voorts etnische Serviërs en een Roma-minderheid die je terug ziet en voelt in de stad die nog zoekende is naar een eigen identiteit zo lijkt het. De stad heeft een eigen universiteit en een rijke historie ook al zie je daar weinig meer van. Verwacht geen oude stadskern, met een kerk, een café en een dorsplein met kleine stoeptegels. Het is als een nieuwe stad met veel jonge hippe mensen, veel terrasjes, winkels en nieuwe gebouwen. Daarentegen is de Kosovo oorlog altijd vlakbij in de vorm van monumenten, eer betonen en graven. Ook de Servische enclave “Gracania” is een nieuw dorp maar met een prachtige UNESCO genoteerd klooster. 


highlights


Oude stad: 

De oude, nog deels Ottomaanse, stad van Pristina concentreert zich rond de Rruga Ibrahim Lutfiu en de Rruga Nazim Gafurri. In het oude stadsgedeelte staan de Çarshi-, Jashar Pasha-, Mbretit- en Pirinazmoskee. Het nationale Museum van Kosovo bevindt zich tussen de Çarshi- en de Jashar Pasha-moskee. De momenteel in restauratie verkerende Grote Hamam ligt tegenover de Mbretitmoskee, de grootste moskee van de stad. Aan de andere kant van dit gebedshuis staat de Klokkentoren (Sahat Kulla). 

 

Centrum: 

De nationale assemblee, het regeringsgebouw en het stadhuis van Pristina staan in elkaars dichte nabijheid net ten westen van de oude stad, aan de overkant van de drukke Rruga Agim Ramadani. Even bezuiden daarvan bevindt zich de deels autovrije centrale Bulevardi Nënë Tereza, waar zich naast een groot aantal terrasjes het Nationaal Theater, het iconische Grand Hotel en standbeelden van Skanderbeg, Moeder Teresa en mede-UÇK-stichter Zahir Pajaziti bevinden. Ook vind je hier de “missing” foto’s van mensen die verdwenen zijn tijdens de “Kosovo” oorlog aan een hek terug.

 

Nog zuidelijker wordt een blok ingenomen door het groenrijke complex van de Universiteit van Pristina, met onder meer het opvallende gebouw van de Nationale Bibliotheek van Kosovo. Langs de Rruga Luan Haradinaj, ten westen van de Bulevardi Nënë Tereza, liggen het Stadiumi i Qytetit (de thuishaven van voetbalclub KF Pristina), het gele “Newborn”-onafhankelijkheidsmonument en het Jeugd- en Sportpaleis


Het klooster “Gračanica”:  

De Servische enclave “Gračanica” is om het Servisch-orthodoxe klooster heen gebouwd, en het ligt op enkele kilometers afstand van Pristina. Het klooster werd gesticht door koning Stefan Uroš II Milutin in 1321. Van het oorspronkelijk gebouw heeft enkel de kerk het overleefd. De Narthex en de toren zijn enkele decennia later gebouwd.

 

Tijdens ernstige anti-Servische rellen in 2004 waaraan 60.000 Albanese Kosovaren deelnamen, in een aantal gevallen actief geholpen door de Kosovaarse politie, werden meer dan 30 orthodoxe kerken en kloosters verwoest. Het Gračanica-klooster ontsprong de dans waarschijnlijk omdat het klooster in een Servische enclave ligt. Vanaf dat moment stond het Gračanica-klooster echter onder permanente bewaking van KFOR. Op 13 juli 2006 werd het op de Werelderfgoedlijst van UNESCO gezet onder de naam Middeleeuwse monumenten in Kosovo. In 2010 besloot de NAVO om de bescherming op te heffen.

 

 

Andere bezienswaardigheden:

In de wijk “Munashere” is boven op de heuvel (niet ver van het hostel – zie onder) een monument ter ere van minstens honderd gevallenen tijdens de “Kosovo-oorlog” verrezen. Graven, een monument, bloemen en een prachtig uitzicht over de stad. Tenslotte schijnt er nog een berenopvang te zijn niet ver van Pristina. 



geschiedenis


De stad Pristina groeide in de middeleeuwen op de ruïnes van de door keizer Justinianus I van Byzantium herbouwde stad Ulpiana, een 15-tal kilometers bezuiden de huidige ligging van de stad. Omdat Pristina op het kruispunt lag van verschillende Balkan-handelswegen, profiteerde het van de handel en kon het ook als een mijnstad uitgroeien. De Albanese bevolking van Kosovo beschouwt zich als nazaat van de lokale Illyriërs, die er al woonden voor de komst van de Slavische volkeren. Later maakte koning Milutin van Pristina zijn hoofdstad, hetgeen ook gold voor andere Servische heersers van de Nemanjić- en Branković-dynastieën. Na de Slag om Kosovo in 1389 viel de stad in handen van de Ottomanen. De rest van Servië volgde in 1459. De stad begon steeds meer Turks te worden; in de 17e eeuw bestond het merendeel van de bevolking uit tot de islam bekeerde Slaven, en niet zozeer uit Albanezen.

 

In 1912 behoorde de stad, samen met geheel Kosovo toe aan de jonge Albanese staat. Het jaar erop echter, werd de staat gedwongen Kosovo weer aan Servië af te staan. Op het einde van het vierde decennium van de 20e eeuw begon het Turkse karakter van de stad te vervagen - voornamelijk door migraties naar de nieuwe Turkse staat, die etnische Turken buiten Turkije aantrok om regio's te bevolken die voornamelijk door Grieken en Armeniërs bevolkt werden.

 

Na de Tweede Wereldoorlog steeg de bevolking enorm, vooral onder de Albanese bevolking. In 1946 kreeg de stad haar status als officiële hoofdplaats van de Servische provincie Kosovo i Metohija, vaak afgekort als Kosmet. Later werd de provincie de facto uit de republiek Servië losgemaakt en verkreeg het door de Joegoslavische grondwet van 1974 een nagenoeg gelijke status als de zes republieken van Joegoslavië. Formeel werd het gebied autonoom binnen Servië. Tot de afschaffing van de Kosovaarse grondwettelijke autonomie in 1989 beschikte Kosovo over een eigen parlement, regering en gerechtelijke organisatie. In 2004 maakte de Albanese bevolking meer dan 98% van Pristina uit. In 2008 werd het de nieuwe hoofdstad van de onafhankelijke staat Kosovo (tenminste voor de helft van de wereld). 



tips & advies (2015)


Het internationale vliegveld van Kosovo ligt zo’n 18 km van het centrum van Pristina in het zuidwesten van de stad. Het treinstation ligt daartussen in – zo’n 10 km van de binnenstad. Veel efficiënter is het busstation dat ongeveer een kilometer in dezelfde richting ligt. 

 

Pristina – Gracanica: indien je naar Gracanica wilt kun je het beste een bus nemen richting “Gjilan”. Elk half uur gaat er een bus vanaf het grote busstation. Kosten 0,50 euro. Duur zo’n 15 minuten. 

 

Pristina – Prizren: elke 15 minuten gaat er wel een bus van het grote busstation richting Prizren. De prijs is variabel – ik heb een keer 4 euro en een keer 3 euro betaald. De rit duurt ongeveer 1,5 a 2 uur. 

 

Pristina – Skopje (MACEDONIE): Bussen gaan zeker om 06:00, 7:25, 08:30, 09:00 10:00 en 12:00. Let wel even op zondagen dan gaan er minder. Ze vertrekken vanaf platform 8 van het grote busstation. Kosten = 5 euro., duur ongeveer 2 uur. 


Pristina heeft voldoende leuke terrasjes, restaurants en cafés waar je heerlijk kunt genieten van een typische (Albanese) maaltijd of een koffie. Er zijn “mensen-kijk” terrassen op de drukke “Nena Terese” maar je kunt ook wat rustigere vinden in de oude stadswijk nabij “Fehmi Agani” bijvoorbeeld. 


Naam            : “Velania” guesthouse

Adres            : Velania 4/34

Prijs               : 12 euro (single)

Tel.nr.            : 531 742/ 044167455

Website         : www.guesthouse-ks.com

 

Inhoud:

Het ligt een beetje buiten het centrum (je zult een hoge heuvel over moeten lopen) vlakbij de Nederlandse ambassade maar in een zeer rustige woonwijk. Het hostel bestaat uit twee verschillende gebouwen met een weg ertussen. Het wordt gerund door een professor die prima Engels spreekt en een aantal stafleden. Er zijn verschillende kamers alhoewel geen slaapzalen naar mijn weten. Je kunt kiezen tussen kamers met en zonder eigen douche/wc. M’n kamertje was klein maar met een groot raam, groot bed, kabel TV, WIFI en op de gang een prima douche (heet) en wc. Je kunt als je wilt een taxi nemen naar het busstation of centrum maar je kunt ook wandelen. Een supermarkt is vlakbij gelegen. 



zie ook: