Russische presidenten

Achtergrondinformatie - Rusland


Nikita Chroesjtsjov (1953-1964)


Na de dood van Stalin in maart 1953 ontstond een interne fractiestrijd in de toenmalige Sovjet-Unie. Nikita Chroesjtsjov afkomstig uit een Oekrainse boerenfamilie werd in September 1953 aangeduid als partijleider. Aan het eind van dat jaar werd zijn belangrijkste concurrent voor de opvolging van Stalin, Beria, het hoofd van de KGB, geëxecuteerd.

 

Tijdens de Russische Revolutie in 1917 vocht hij in het Rode leger en zou de jaren erop bij Stalin geliefd worden vanwege z’n hoge aantallen executies van regionale functionarissen. Hij bracht als leider van Moskou zijn dodenlijsten zelf rechtstreeks naar Stalin.

 

Hij heeft later de Sovjetarchieven laten doorzoeken in een poging alle sporen uit te wissen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog bereikte hij de rang van luitenant-generaal. Hij was politiek commissaris tijdens de Slag om Stalingrad en tijdens de Slag om Koersk.



Chroesjtsjov als premier:

Chroesjtsjov schokte de gedelegeerden van het 20e partijcongres in 1956 en in 1961 door publiekelijk de cultus rond Stalin aan de kaak te stellen, en Stalin te beschuldigen van massamoord tijdens de grote zuiveringen en een groteske persoonsverheerlijking.

 

Hierdoor maakte hij zich onbemind bij de conservatieve fractie van de Partij. Hij werd niettemin premier op 27 maart 1958, na een serie langdurige en complexe manoeuvres. 

 

Hij was eigenzinnig en impulsief; hoewel hij minder een terreurbewind voerde dan Stalin, regeerde hij eveneens met ijzeren vuist. Chroesjtsjov werd door zijn politieke tegenstanders beschouwd als een platvloerse, onbeschaafde boer, met de reputatie van het onderbreken van sprekers met beledigende opmerkingen.

 

Tijdens een topontmoeting van de grote vier in Parijs op 16 mei 1960 eiste Chroesjtsjov een verontschuldiging van president Dwight D. Eisenhower van de Verenigde Staten voor de vluchten van de U-2 spionagevliegtuigen over de Sovjet-Unie.

 

Gezichtsverlies

Eisenhower ontkende dat zulke vluchten plaatsvonden, waarop Chroesjtsjov een gevangen piloot uit de hoed toverde die bij zo'n vlucht was neergeschoten. Eisenhower had er tevergeefs op gerekend dat de piloot van het neergeschoten toestel, Gary Powers, liever zelfmoord zou plegen dan zich gevangen te laten nemen, en leed een groot gezichtsverlies.

 

In 1956 was hij verantwoordelijk voor de onderdrukking van de Hongaarse opstand en in 1957 initieerde hij het ruimtevaartprogramma “Spoetnik I’. Een jaar erna werd het Chroesjtsjov-ultimatum opgesteld. De bedoeling van dit ultimatum was om van Berlijn een "vrije stad" te maken. De Westerse geallieerden zouden de stad moeten verlaten. Het Westen kreeg zes maanden om hiermee akkoord te gaan anders zou de Sovjet-Unie haar bevoegdheden in Berlijn overdragen aan de DDR (Oost-Duitsland).

 

Het ultimatum werd uiteindelijk genegeerd door de geallieerden. Er gebeurde niets


Einde:

Chroesjtsjov werd op 14 oktober 1964 afgezet door zijn collega's in het Politbureau, vooral ten gevolge van de Cubaanse raketcrisis en zijn persoonlijk optreden, dat door de Partij als gezichtsverlies voor de Sovjet-Unie werd ervaren.

 

Hij werd in 1964 opgevolgd door Leonid Brezjnev. Na zeven jaar huisarrest stierf hij in zijn huis in Moskou op 11 september 1971. Hij werd als enige oud premier op de Novodevitsji-begraafplaats begraven in Moskou.

 

In 2013 zou hij nog een keer groot in het nieuws komen omdat hij in 1954 als cadeautje de Krim (toenmalig Sovjet-Unie) aan de Oekraïne gaf – Rusland zou in 2014 het schiereiland toe eigenen met alle gevolgen van dien.


>> Lees hier over de gehele Russische GESCHIEDENIS


Leonid Brezjnev (1964-1982)


Brezjnev, geboren in Oekraïne, was etnisch gesproken van Russische komaf. Hij specialiseerde zich tijdens z’n studie in metallurgie en in ideologische theorie. Dit laatste zorgde ervoor dat hij snel opklom in de rangen van het communistische partijapparaat.

 

Tijdens de Tweede Wereldoorlog bracht hij het tot generaal, onder meer door tegen de Duitsers stand te houden in de heldenstad Novorossiejsk, maar hij was meer bekend als volkscommissaris voor de partij.


Aan de macht:

Brezjnev had geduld tijdens de regeerperiode van z’n voorganger maar toen tijdens de Cuba-crisis duidelijk werd dat Chroesjtsjov zijn steun in de partijtop aan het verliezen was, greep hij zijn kans. Tijdens zijn bewind streefde hij naar consolidatie van de Sovjetmacht in binnen- en buitenland, terwijl hij de economische basis van het land intussen vrijwel geen aandacht gaf.

 

Brezjnev was een ijdel man. Hij heeft zich uitgebreid laten decoreren door de regeringen van landen waarin de Sovjet-Unie militair had ingegrepen en de bevolking had onderdrukt. Onder zijn bewind werd het Rode Leger versterkt en het ruimtevaartprogramma uitgebreid. Het Rode Leger streefde de VS voorbij (qua getallen op papier althans) wat betreft materiële sterkte en aanvalskracht. In het Westen werd wel getwijfeld aan de kwaliteit ervan en aan de loyaliteit van de Warschaupactbondgenoten in geval van een echte oorlog.

 

Het IJzeren gordijn

De Oost-Europese landen die achter het "IJzeren Gordijn" lagen, werden eveneens door Brezjnev stevig in het gareel gehouden, zoals bleek tijdens het hardhandig neerslaan van de "Praagse lente" in Tsjecho-Slowakije in 1968. Op zijn bevel drukte de Poolse communistische partij, in 1980, de roep om meer vrijheid voor de Polen de kop in. De jaren 70 waren voor de Sovjet Unie en Brejznev hoogtepunten al kwam dit vooral doordat aartsrivaal de VS groot gezichtsverlies leed door de Watergate-affaire en de Vietnamoorlog.

 

In de derde wereld had de Sovjet-Unie op veel plaatsen een grote invloed bij revolutionaire bevrijdingsbewegingen vooral in Midden- en Zuid Amerika, de VS z’n achtertuin. Met de VS zelf werd ter ontspanning van de wapenwedloop een reeks verdragen afgesloten, maar achter de schermen werd er door de Sovjets toch voortdurend gestreden om meer invloed in Afrika, het Midden-Oosten en Azië.

 

In 1979 viel de Sovjet-Unie het buurland Afghanistan binnen, dat door een wisseling van regime dreigde uit de Russische invloedssfeer te ontsnappen.


Het einde:

Brezjnev's laatste jaren waren een periode van neergang en stagnatie. Het Sovjetregime had totale controle over de media in eigen land, maar kon toch niet verhullen dat de hoogste leider aan het aftakelen was. Hij verscheen erg weinig in het openbaar, ook niet bij gelegenheden waarbij dat wel zou moeten.

 

Wanneer hij dat wel deed, was hij nauwelijks verstaanbaar. Begin jaren 80 begon Ronald Reagan een ambitieus bewapeningsprogramma maar de Sovjet-Unie kon het allemaal niet meer bijbenen door de nog steeds slecht georganiseerde economische basis van het land. Een aantal van zijn familieleden en vrienden werden wegens corruptie veroordeeld maar Breznjev was te zwak om nog te reageren.

 

Brezjnev stierf in 1982 en werd opgevolgd door Joeri Andropov. Deze legde meteen veel nadruk op arbeidsdiscipline, waaruit bleek dat het regime zelf ook wel inzag wat er tijdens Brezjnevs bewind fout liep.


>> Lees hier meer over de Cuba Crisis in de jaren 60


Michail Gorbatsjov (1985 - 1991)


Gorbatsjov werd geboren in Kraj Stavropol in een boerenfamilie en werkte aanvankelijk als een oogstmedewerker in verschillende collectieve boerderijen. In de jaren 50 ging hij rechten studeren aan de staatsuniversiteit van Moskou en werd hij een zeer actief partijlid.

 

Na de dood van Konstantin Tsjernenko in 1985 werd hij benoemd tot algemeen leider van het Politburo en was daarmee de nieuwe machthebber van het land.


Perestrojka en Glasnost:

Gorbatsjov kwam aan de macht in een periode waarin de Sovjet-Unie een diepe malaise doormaakte. Het land was in een uitzichtloze strijd gewikkeld in Afghanistan, binnenlands dreigden onlusten wegens de slechte economische situatie, aan alles wat de burgers nodig hadden voor het dagelijkse leven was gebrek, er was een enorm overheidstekort, de industrie was sterk verouderd en het morele gezag van de partij was tot het nulpunt gedaald.

 

Bovendien was de VS onder leiding van Ronald Reagan de Sovjet-Unie militair voorbijgestreefd en bouwde zijn koppositie steeds verder uit.

 

Gorbatsjov zag in dat het zo niet langer door kon gaan en dat er een ineenstorting van het land stond aan te komen. Zijn twee voorgangers wilde ook al veranderingen doorvoeren maar waren te vaak ziek om hiermee een begin te maken. Hij regeerde met als motto de leuzen 'economische intensivering', 'glasnost' (openheid) en 'perestrojka' (hervorming) en voerde in het buitenlands beleid 'het nieuwe denken' in zoals China een paar jaar ervoor ook had gedaan.

 

Ontspanning der wereldpolitiek

Met het Westen werden steeds verdergaande verdragen ter ontspanning van de wereldpolitiek gesloten, ballingen werden terug gehaald (Sacharov in 1986), de oorlog in Afghanistan gestopt en troepen uit Oost-Europa teruggetrokken (1988). De partijbazen in de deelstaten, die hun kaarten op het oprukkende nationalisme begonnen te zetten, begonnen zich al snel steeds onafhankelijker van het centrale gezag in Moskou op te stellen.

 

Ondanks zijn (late) pogingen om nog met harde hand de onafhankelijkheidsbewegingen in de verschillende republieken (met name de Baltische in 1991) de kop in te drukken was er een proces op gang gekomen dat niet meer te stoppen was; behalve misschien met een massaal en nietsontziend ingrijpen van het leger.

 

Daaruit blijkt dat er een belangrijk verschil tussen Gorbatsjovs beleid en het Chinese beleid was. Gorbatsjov had naast de economische vrijheid ook de restricties op vrije meningsuiting en discussie over het politieke beleid van de partij verruimd. In China echter was deze politieke vrijheid in het geheel niet verruimd. In 1990 ontaard een onafhankelijkheidsoorlog in Azjerdbeijan in een bloedbad.

 

Een paar maanden later moet hij zich neerleggen bij een Duitse eenwording terwijl hij in Oktober de Nobelprijs voor de vrede ontvangt.



Het einde:

In augustus 1991 probeerden communisten van de oude garde de steeds meer uit de hand lopende gevolgen van Gorbatsjovs beleid nog terug te draaien.

 

O.l.v. Vladimir Krjoetsjkov en enkele andere naaste adviseurs van Gorbatsjov wordt er op 18 augustus 1991 een poging tot coup gedaan tegen Gorbatsjov, die alles in gang had gezet, en Jeltsin (Augustusstaatsgreep) die rijdend op de steeds hogere golven van het Russische nationalisme, steeds machtiger werd. 

 

Terwijl Gorbatsjov door de coupplegers op de Krim onder huisarrest werd gehouden, zette Jeltsin frontaal de aanval in tegen de coupplegers. Na enige schermutselingen klom Jeltsin op een tank en hield hij een speech waarna het leger zijn zijde koos. De coup mislukte en Jeltsin werd als held gezien.

 

Korte tijd later keerde Gorbatsjov terug naar Moskou. Maar de machtsverhoudingen waren drastisch gewijzigd: Jeltsin was de nieuwe sterke man en Gorbatsjov had nog maar weinig in te brengen.

 

Onafhankelijkheidsslag

In sneltempo verklaarden praktisch alle deelrepublieken (o.a. Oekraïne) van de Unie zich onafhankelijk en achter Gorbatsjovs rug om werd het GOS opgericht, dat in de plaats van de oude Sovjet-Unie kwam. Het GOS is in werkelijkheid een zeer losse overkoepelende organisatie die geen werkelijke macht heeft.

 

De eigenlijke macht kwam te liggen bij de voormalige deelrepublieken en met name bij Jeltsin, de president van Rusland. Aan het eind van het jaar 1991 wordt de Sovjet Unie officieel opgeheven en daarmee was Gorbatsjovs rol uitgespeeld. Gorbatsjov was in het buitenland extreem populair en was de eerste en enige Sovjetleider die bij het Amerikaanse publiek populairder was dan de eigen president. In eigen land is hij daarentegen zeer impopulair. Hem wordt verweten dat hij Ruslands status als wereldmacht heeft verkwanseld en zijn volk economische ellende en hongersnood heeft gebracht.

 

Als ex-president wordt hij vaak uitgenodigd als spreker in het westen. In december 2011 liet Gorbatsjov, via een videoboodschap, van zich horen bij de grootschalige protesten tegen de uitslag van de Russische parlementsverkiezingen eerder die maand, die dankzij fraude zouden zijn gewonnen door Verenigd Rusland, de partij van premier Vladimir Poetin. Ook wees hij in een radio-interview deelname van Poetin aan de presidentsverkiezingen van 2012 af. In 2022 kwam Goratsjov te overlijden. 


>> Lees ook over de bevreesde KGB veiligheidsdienst


Boris Jeltsin (1991 - 1999)


Boris Jeltsin werd geboren in een boerenfamilie, studeerde bouwkunde en was verwend sporter. In 1977, was hij verantwoordelijk voor de sloop van het Ipatiev-huis, waar de tsarenfamilie was vermoord. Later toen hij president was en de kathedraal op het bloed op de plek werd gebouwd gaf hij aan dit te betreuren en slechts orders van hogerhand te hebben uitgevoerd.

 

In het jaar 1985 werd hij door Michail Gorbatsjov benoemd tot partijchef van Moskou waar hij zich onder meer inzette voor de bestrijding van corruptie. Toen Jeltsin korte tijd later vond dat de perestrojka van Gorbatsjov te langzaam ging (Gorbatsjov liet regelmatig hervormingen terugdraaien als hij zag dat dit te veel protest opleverde), bekoelde de relatie tussen hen en werd hij zelfs het politbureau uitgegooid.

 

Inmiddels was de invloed van de Communistische Partij snel aan het afbrokkelen, het nationalisme in de vele deelrepublieken van de Sovjet-Unie nam daarentegen zienderogen toe, en veel apparatsjiks (partijbureaucraten) waren de bakens aan het verzetten.

 

In juli 1990 verliet Jeltsin de Communistische Partij om zich partijloos kandidaat te stellen voor de presidentsverkiezingen. Op 12 juni 1991 won Jeltsin daarop de verkiezingen met 57 procent van de stemmen. Tijdens de couppoging tegen Gorbatsjov had Jeltsin zich ijzersterk opgesteld tegen de plegers en was op een tank geklommen om z’n lichaam te geven voor het moederland.

 

Toen de Sovjet Unie ontbonden werd in December 1991 en Gorbatsjov’s rol was uitgespeeld werd Jeltsin president van Rusland.


Jeltsin als president:

In de daaropvolgende jaren had Jeltsin op zeer regelmatige basis contacten met de Amerikaanse president Bill Clinton waarbij de relatie tussen beide landen steeds beter werd. Zijn presidentschap had echter ook zijn rumoerige momenten en Jeltsin stuurde meerdere keren het gehele kabinet naar huis.

 

De meest spraakmakende daarvan was de Russische constitutionele crisis van 1993, toen Jeltsin de Staatsdoema liet ontbinden en deze weigerde hiermee akkoord te gaan en opriep tot een staatsgreep tegen hem. Jeltsin zette echter tanks in die het Witte Huis beschoten, waarbij veel doden vielen. De leiders werden opgepakt en berecht. De Russische Doema verleende hen later gratie. Ook gaf hij opdracht om de de facto onafhankelijke Tsjetsjeense Republiek Itsjkerië binnen te vallen op 11 december 1994. Dit bleek een grote misvatting en na 2 jaar moest het leger zich terugtrekken uit het gebied.

 

In juli 1996 werd hij herkozen als president na een 'vuile' verkiezingscampagne die werd gekenmerkt door lastercampagnes tegen zijn politieke tegenstanders. Jeltsin omringde zich daarvoor noodgedwongen met een groep 'oligarchen' die de mediazenders beheersten en zo zijn grote achterstand in een voorsprong wisten om te zetten. Dit betekende echter ook het einde van Jeltsins onafhankelijke politiek.

 

Partij oligarchen

De oligarchen, vaak waren dit voormalige partijbureaucraten, eisten in ruil voor de herverkiezing politieke invloed en vermengden zo hun op vaak dubieuze wijze verkregen bedrijven met de politiek en wisten de wetten zo naar hun hand te zetten dat ze meestal geen belasting hoefden te betalen. Ze verdeelden bovendien de resterende staatsbedrijven van Rusland onderling waardoor ze nog veel rijker werden dan ze toch al waren. Ook Jeltsin zelf en zijn familie deden mee aan deze praktijken.

 

Terwijl miljoenen gewone Russen er alleen maar op achteruit gingen en in de armoede stortten (want de nieuwe eigenaren van de voormalige staatsbedrijven saneerden en reorganiseerden op grote schaal hun bedrijven waardoor miljoenen mensen werkloos werden) groeide de kritiek op de zichzelf verrijkende oligarchen die onaantastbaar leken en konden doen wat ze wilden. Jeltsin verbleef een groot deel van zijn tweede periode in het ziekenhuis en fungeerde min of meer als een soort marionettenfiguur, die geen werkelijke invloed meer had.

 

Op 30 september 1999 stuurde hij het Russische Leger voor de tweede maal naar Tsjetsjenië om het gebied in te nemen. Deze Tweede Tsjetsjeense Oorlog was succesvoller dan de eerste, maar woedt in feite nog altijd voort.


Het einde:

Op 31 december 1999 legde Jeltsin onverwacht het presidentschap neer. Tot de eerstvolgende verkiezingen nam de ex-KGB-chef Vladimir Poetin zijn functie over. Van de onderzoeken naar corruptie werd niets meer vernomen en de voormalig president hield zich voornamelijk nog bezig met jagen, een beetje tennis en lezen.

 

Met de politiek bemoeide Jeltsin zich niet meer, hoewel Poetin langzamerhand verschillende van zijn hervormingen weer terugdraaide en de daaropvolgende jaren zijn persoonlijke macht verder vestigde. Hij kreeg last van zijn hart en moest in de jaren negentig regelmatig opgenomen worden in het ziekenhuis. Toen hij zich in 1995 herkiesbaar stelde, probeerde hij de wantrouwige Russen te overtuigen van zijn conditie door voor het oog van de tv-camera's een soort dans uit te voeren.

 

De waarheid was dat de kwakkelende Jeltsin in dat stadium de enige was die een terugkeer naar het communisme kon verhinderen. Hij werd en wordt regelmatig afgeschilderd als een verstokte alcoholist en wordt in Rusland bestempeld als de “sloper van de Sovjet Unie”. Op 23 april 2007 stierf Boris Jeltsin op 76-jarige leeftijd, na een plotse hartstilstand. Jeltsin werd na zijn overlijden in binnen- en buitenland algemeen geprezen voor zijn rol in de val van het communisme en Poetin kondigde een dag van nationale rouw af.


Vladimir Poetin (2000 -- )


Poetin werd geboren in Leningrad (nu Sint-Petersburg) waar zijn vader diende in de Sovjet-marine en daarna in de gevreesde geheime dienst NKVD onder Jozef Stalin; hij stond bekend als een fanatiek marxist-leninist. Grootvader Spiridon Poetin was de privékok van de Sovjet-leiders Vladimir Lenin en Jozef Stalin.

 

Het echtpaar Poetin had eind jaren dertig al twee zoontjes, waarvan er één overleed aan difterie en het andere door ondervoeding tijdens het Beleg van Leningrad in de Tweede Wereldoorlog. Poetin begon op de sportschool 13-jarige leeftijd met sambo, maar werd al snel een fervent judoka, hetgeen hij nog steeds beoefent. Momenteel heeft hij de rood/witte band (8ste dan). Verder tennist, skiet en vist hij graag. Poetin ging na z’n studie in 1975 bij de KGB werken.

 

Van 1985 tot 1990 woonde hij daarom in Dresden en was belast met het verzamelen van politieke en militaire inlichtingen. Hij was verantwoordelijk voor het verhoor en de internering van dissidenten, alsmede voor westerse spionnen die de Sovjet-Unie wilden binnendringen.

 

Van Juli 1998 tot augustus 1999 was hij hoofd van de Federalnaja Sloezjba Bezopasnosti (FSB), de opvolger van de KGB en van augustus 1999 tot 31 december 1999 was hij premier in de regering van Boris Jeltsin. Als eerste minister won hij het respect van de Russische bevolking door zijn handelen tijdens de onafhankelijks strijd in de Russische deelstaat Tsjetsjenië.

 

Toen Jeltsin op 31 december 1999 aftrad, werd Poetin president van de Russische Federatie.


Poetin als leider:

Poetin zette de strijd in Tsjetsjenië voort met de verwoesting van steden en dorpen en een groot aantal doden en gewonden als gevolg. Op 26 maart 2000 won hij de presidentsverkiezingen. Sinds 2000 is Poetin ononderbroken de de facto machthebber van Rusland en gedurende deze tijd heeft hij gestaag zijn greep op het land verstevigd door de aanvankelijk vrije pers en media steeds meer te beteugelen en kritische tegenstanders het zwijgen op te leggen. 

 

Door lucratieve banen en contracten aan zijn medestanders te geven die hem vervolgens ook de bal toespelen is Poetin een van de rijkste Russen aller tijden geworden met een geschat vermogen van 70 miljard dollar (2013). Na twee termijnen achter elkaar als president werd Poetin op 8 mei 2008 premier van Rusland onder president Dimitri Medvedev.

 

Hoewel de president volgens het Russische systeem officieel boven de premier staat, leek Poetin in de praktijk nog altijd de rol van werkelijke Russische leider te spelen.

 

Sinds 7 mei 2012 is Poetin weer president van Rusland met Dimitri Medvedev als premier.

 

Poetin wordt door zijn politieke tegenstanders bekritiseerd en beschuldigd van het vestigen van een nieuwe dictatuur in Rusland na de val van de vorige Sovjet dictatuur. Vooral vanwege zijn onderdrukking van de persvrijheid en zijn harde optreden tegen betogingen en opstanden tegen het regeringsbeleid.


Corruptie

Ook wordt hij bekritiseerd vanwege de grote corruptie onder zijn bewind en de grote armoede waarin veel Russen leven. Bij veel 'gewone' Russen is hij echter nog steeds populair omdat hij stabiliteit, economische welvaart en zelfrespect heeft gebracht, na de chaotische jaren van Boris Jeltsin.

 

Zijn politiek combineert twee volgens sommige critici tegenstrijdige lijnen: enerzijds is Poetin voorstander van liberalisering van de economie, en er wordt ook veel in deze richting gedaan (invoeren van privé-eigendom op de landbouwgronden, belastingverlagingen, reduceren van bureaucratische druk op de kleine en middelgrote bedrijven e.d.); anderzijds wordt hij beschuldigd van het vertonen van autoritaire neigingen ("problemen" met vrije pers, de zaken omtrent Aleksandr Litvinenko, Michail Chodorkovski, en andere) en van een grote toename van corruptie onder zijn bewind sinds 2000.

 

Bovendien worden de nationaliseringen van grote olie- en gasondernemingen en de staatsovernames van ondernemingen van zichzelf verrijkende oligarchen door critici wederom communistisch en dictatoriaal genoemd. Betogingen en demonstraties tegen de regering worden door de oproerpolitie tegengewerkt waardoor het democratisch gehalte van Rusland in binnen- en buitenland in twijfel wordt getrokken.

 

In 2005 proclameerde Poetin enige punten uit zijn politieke visie over de toekomst en het verleden van Rusland in de Doema, het Russische parlement. De meest opmerkelijke of meest zeggende uitspraak die Poetin ooit deed was misschien wel: “de ineenstorting van de Sovjet Unie was de grootste geopolitieke ramp van de 20ste eeuw”.

 

Pussy Riot

Op 17 augustus 2012 werden drie leden van de punkband Pussy Riot veroordeeld tot twee jaar strafkamp omdat zij in een kerkgebouw geprotesteerd hadden tegen Poetin. Dit lokte internationaal protest uit. Ook werden een groot aantal medewerkers van Greenpeace gearresteerd, werd de boot aan de ketting gelegd en werd een Nederlandse diplomaat in elkaar geslagen.

 

Net voor de Olympische Spelen in Sochi, Rusland wordt een charme offensief uitgeoefend – bannelingen worden vrijgelaten net als bovenstaande zangeressen en de Greenpeace leden.

 

Later dat jaar annexeert hij, als de toenmalige premier van Oekraïne is weggehoond uit het land, de Krim. De overwegend Russische bevolking moet beschermt worden is z’n motto. Op dit moment zou hij wel of niet de Russische separatisten in het oosten van Oekraïne steunen met huurlingen, wapens en voorraden. Ondanks Westerse sancties geeft Poetin (nog) niet in.

 

In Februari 2022 valt Poetin's Rusland Oekraïne binnen. 



zie ook: