GESCHIEDENIS - Roemenië


Prehistorie en “Dacie”


Sinds de prehistorie is wat we nu noemen “Roemenie” bevolkt geweest door vele volkeren. Een van de fossielen die in Roemenie gevonden is, was een 35.000 jaar oude onderkaak. Dit is, tot nu toe, het oudst gevonden bewijs van de mensheid in Europa. Historisch Roemenië werd bewoond door de “Thracische” stammen: “de Daciers”, de “Geten” en de “Karpaten”. Het was vanaf de 7e eeuw v.C. dat Griekse handelaren zich gingen vestigen aan de Zwarte zeekust. Een eeuw later werden “de Geten” verslagen door de Perzische keizer “Darius de Grote” tijdens zijn veldtocht tegen de “Scythen” in het gebied ten zuiden van de Donau (het huidige Bulgarije). In het noorden zouden zij zich verschansen en aan het begin van de vorige millennium een sterk leger opbouwen om de volgende bedreiging te volstaan – de komst van de Romeinen.  

 

Vanwege constante dreiging uit de Balkan (o.a. de Gotische stammen) voor het Romeinse rijk besloten zij o.l.v. keizer “Trajanus” een nieuwe bufferzone te creëren in de vorm van een provincie (Dacia) in het huidige Roemenië. De “Daciers” (zoals de Romeinen de stam noemden) werden verslagen en de oude hoofdstad der Daciers “Sarmizegetusa” platgebrand. Ook de noordelijke provincies (Transsylvanie en Dobrogea) werden ingelijfd en de Romeinen eisten een totale migratie van mensen van onder de Donau en Italië om het gebied te romaniseren. De mensen mixten en vormden op den duur een Dacia-Romeins geheel dat Latijns sprak.


Na het vertrek der Romeinen


Het Romeinse leger besloot na herhaaldelijke aanvallen van de Goten het gebied wat we nu Roemenië noemen te verlaten, en de Donau als nieuwe grens te betitelen. Het was het jaar 270 n.C. onder de keizer “Aurelian”. De Romeinse burgers bleven achter en vermengden zich verder met de lokale traditionele bevolking. Vanaf die tijd werd het gebied bewoont door verschillende migrerende bevolkingsgroepen; de Hunnen kwamen, de Bulgaren en de Goten die allemaal hun eigen cultuur, taal gewoonten en gebruiken meebrachten en die laten mee smelten in de Roemeense pot die het vandaag de dag is. Vanaf de 10e eeuw migreerden groepen “Maygars” uit Hongarije de grens over en vestigden zich in het huidige “Transsylvanie”. Vanwege de veelvuldige aanvallen van de agressieve “Tartaren” uit het Oosten liet de toenmalige koning van Hongarije grote groepen Duitse Saksiers en Hongaarse “Szekely’s” bevolken; vrij van belastinggeld maar in ruil voor hun militaire support. Het was in de 14e eeuw dat de eerste vorstendommen ontstonden; naast “Transsylvanie” werd “Wallachia” (Roemeens land)  en “Moldova” gevormd. Ook werd de eerste tweedeling in de bevolking zichtbaar – de arbeiders (Roemeens) en de adel (vooral Hongaars).


Ottomanen, Habsburgers en Russen


Ondanks felle tegenstand in de 14e en 15e eeuw uit de twee Roemeense provincies (o.a. van “Vlad Tepes”) kwamen zij toch een voor een onder Ottomaans bestuur te staan. De Turken veroverden ook Hongarije in de 16e eeuw en zodoende kwam ook de provincie “Transsylvanie” in Turkse handen. De provincies waren vazalstaten van het Ottomaanse Rijk aangezien ze belasting betaalden om hun interne autonomie en enige vorm van zelfstandigheid naar buiten toe veilig te stellen. In 1600 was het de eerste keer in de Roemeense geschiedenis dat de drie provincies verenigd werden. De Wallaachse prins “Viteazul” kwam succesvol in opstand tegen de Turken maar werd door een verenigd Habsburg-Transsylviaans adellijk leger verslagen en onthoofd. Het was in 1683 dat de Ottomanen werden verslagen voor de poorten van Wenen en vier jaar later kwam de provincie “Transsylvanie” onder Habsburgse bewind te staan. Eind 18e eeuw werd Roemenië verder verdeeld; een gedeelte van de provincie “Moldova” (Bukovina) kwam onder het bewind van de dubbelmonarchie “Oostenrijk-Hongarije” (sinds 1867 ontstaan) te staan terwijl het andere gedeelte “Bessarabia” in 1812 bij Rusland werd ingelijfd. Na de Russische-Turkse oorlog (1828-1829) kwam het zuidoostelijke gedeelte van diezelfde regio (Moldova) en de provincie “Wallachia” opnieuw onder Ottomaans juk terwijl het Russische protectoraten werden.  

 

Terwijl in de 17e eeuw de eerste opstand van de “Roemeense” arbeiders tegen het adellijk bestuur genadeloos was afgeslagen werd de roep om revolutie en onafhankelijkheid steeds groter. De Hongaren revolutionairen in Transsylvanie kwamen in opstand tegen de Habsburgse overheersing en werden gesteund door de Roemenen in dit gebied. Toen deze laatste groep “nationale waardering” werd beloofd door de Habsburgers in Hongarije-Oostenrijk in ruil voor militaire support was het snel gedaan met deze opstand. Het was vanaf die tijd gedaan met alle vrijheden en er werd een rigoureuze “Magyrisatie” opgestart uit Boedapest – Hongaars werd de officiële taal en demonstraties werden ruw uiteengeslagen. 




Koninkrijk Roemenië


De provincies “Wallachije” en “Moldavie” verklaarden met Franse hulp zich onafhankelijk van de Turken in 1859 en kozen vorst “Cuza” als hun leider. Ondanks het feit dat de Oostenrijkse keizer “Frans Josef I” de staat niet erkende deed de Turkse sultan dit twee jaar later wel. De provincies werden op 24 Januari 1862 formeel verenigd tot “Roemenië” met Boekarest als hoofdstad. “Cuza” werd al snel, door z’n autoritaire houding” afgezet en er werd een erkende dynastie (de Pruisische prins Carol I) gekozen om als tegenwicht te bieden tegen de landen die aasden op het land (o.a. Rusland). Tijdens de Russische-Turkse oorlog (1877-1878) vocht Roemenië mee aan Russische zijde, lijfde provincie “Dobrogea” in bij z’n grondgebied (moest wel een stukje “Bessarabia” geven aan Rusland) en werd het land officieel erkend door de grootmachten als koninkrijk.


De 2e Balkan oorlog


In navolging van de eerste Balkanoorlog waar Roemenië geen deel van uitmaakte brak de tweede Balkanoorlog uit in de zomer van 1913. Oorzaak was de onvrede over de verdeling van het door het Ottomaanse Rijk verlaten gebied (m.n. omtrent “Macedonië”). Volgens landen als Griekenland en Servië was Bulgarije te groot geworden en zij vreesden dominantie en het wellicht verliezen van meer land (Thessaloníki wat onder ook Macedonië viel) aan de Bulgaren. Op 29 Juni 1913 ondernam de Bulgaarse generaal “Savoy” een aanval op Servië zonder dat hij daartoe opdracht had gekregen. Dit gebeurde net op het moment dat de internationale diplomatie de drie Balkanstaten om de tafel had gekregen. De Bulgaarse regering ontkende enige betrokkenheid bij het voorval, maar op 8 Juli volgde een oorlogsverklaring van Griekenland en Servië aan het land. Kort daarna volgden ook Roemenië en Montenegro, en ook het Ottomaanse Rijk nam (min of meer op uitnodiging van Servië en Griekenland) weer deel aan de strijd in de hoop een deel van het na de Eerste Balkanoorlog verloren gebied terug te winnen. De Bulgaren, een paar maanden eerder in Servië en Griekenland nog geprezen als moedige Slavische/orthodox-christelijke bondgenoten, werden nu als monsters en misdadigers afgeschilderd. 

 

Geconfronteerd met deze overmacht restte Bulgarije niets anders dan capitulatie. Op 10 augustus werd in Boekarest een vredesverdrag ondertekend. Bulgarije moest een groot deel van de winst uit de Eerste Balkanoorlog weer afstaan (met name aan Roemenië) en Macedonië werd bijna geheel tussen Griekenland en Servië verdeeld. Ook wist het Ottomaanse Rijk (of preciezer de Jonge Turken) een klein deel van het verloren gegane gebied opnieuw te bezetten. Het grootste deel van de islamitische bevolking van de Balkan werd koelbloedig vermoord of verdreven uit het Europese continent. Enkele miljoenen Turken, Pomaken, Albanezen, Bosniërs, Serviërs, Macedoniërs en Roma moesten vluchten naar Anatolië en de meeste moskeeën werden platgebrand. De Balkanoorlogen vormden de aanzet tot de Eerste Wereldoorlog die een jaar later uitbrak. Het Ottomaanse Rijk en Bulgarije bleven echter ontevreden achter. Beide landen zouden in de Eerste Wereldoorlog de kant kiezen die hen teruggave van de verloren gebieden zou beloven.


ww1


Na twee jaar neutraliteit tijdens WWI verklaarde Roemenië de Centralen (het Duitse keizerrijk en de dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije) de oorlog om zo de provincie “Transsylvanie” toe te voegen aan het koninkrijk. Vreemd genoeg is het vermelden dat de Duitse keizer “Wilhelm II” en de Roemeense koning familie waren van elkaar. De Roemeense campagne eindigde in een ramp; de centralen bezetten een groot deel van het land en vernietigden een groot van het leger in vier maanden tijd en de koning week uit naar de stad “Ilasi”. Ondanks dit keerde kansen, koos Roemenië de uiteindelijke winnaar en kreeg wat het wilde; naast Transsylvanie werden ook de staten Boekavina en Bessarabië aan het land toegevoegd alsmede de regio’s Banaat, Crisana en Maramures in 1920. Op 15 Oktober werd koning Ferdinand (neef van Carol I) van het complete (of groot) Roemenië tot koning gekroond.  

 

Roemenië bevond zich in de jaren voorafgaand aan WWII in een penibele situatie; het werd door gematigde communisten bewerkt vanuit buurlanden Hongarije en Bulgarije terwijl grootmacht Rusland aasde op “Bessarabia”. De Duitsers en Italianen waren vooral geïnteresseerd in Roemeense oliebronnen. Het land probeerde zich zo onafhankelijk mogelijk op te stellen en zocht vooral hun heil in allianties met omringende landen alsmede Westerse grootmachten – vooral Frankrijk werd gezien als stabiele factor. Koning Carol II, zich steeds meer als een dictator uitend, ondermijnde deze acties omdat hij vond dat hij teveel “macht’ zou verliezen. Daarnaast werd sinds 1935 de nationale politiek gedicteerd door een Fascistische groep die zich de “ijzeren garde” noemden. Twee jaar later zou door de koning alle politieke partijen afgezworen worden en alsmede de parlementaire democratie. Hij werd absoluut alleen heerser terwijl de Duitse invloed groter en groter werd en in 1939 als een strop om Roemenië lag. Ondertussen begon Carol II een gewelddadige aanval op de steeds machtigere wordende ijzeren garde: de leider “Codreanu” werd opgepakt net als vele andere leden en vermoord. Toen de fascisten als wraak de minister president dood schoten werden nog eens 250 leden van de terreurgroep opgepakt en lukraak op publieke pleinen door het hele land opgehangen. In datzelfde jaar (1939) trachtten de Geallieerden weliswaar alle Roemeense olie op te kopen, maar tegen deze tijd was de Duitse militaire en economische invloed al zo sterk dat het land Roemenië ertoe wist te zetten om olie onder de wereldprijs te verkopen. Ze werden de hofleverancier van olie van nazi-Duitsland.


tweede wereldoorlog


Roemenië voelde zich geïsoleerd na het verslaan door Duitsland van z’n bondgenoot Frankrijk in het voorjaar van 1940 en werd ontnomen van z’n provincie “Bessarabie” door Rusland een maand later (volgens het Ribbentrop-Molotov verdrag). Op 30 Augustus datzelfde jaar werd het land gedwongen afstand te doen van “Transsylvanie” aan Hongarije en “Dobrogea” aan Bulgarije (September) – landen die de nazi’s en de Italianen steunden. De Roemeense bevolking roerde zich door het verlies van zoveel land (de bevolking gaf de koning de schuld van dit alles) en koning Carol II riep na overleg met z’n adviseurs de hulp in van generaalmaarschalk “Antonescu”. Deze voer in 1940 een Fascistisch dictatuur in met zichzelf als leider en werkte samen in een regering waar ook de fascistische “ijzeren garde” (o.l.v. Horia Sima) van uitmaakten. De koning werd opgevolgd door z’n 19 jarige zoon ”Michael” die nauwelijks iets te vertellen had – Antonescu was dictator geworden. Ook werd toenadering gezocht bij de nazi’s die al in Oktober Duitse troepen naar Roemenië stuurde. De coalitie werd gekenmerkt door gruwelijke antisemitisme, pesterijen en dodelijk geweld in de richting van Joden en andere minderheden. Vooral het verarmde “Moldavië” was doelwit. In Januari 1941 zette Antonescu (met steun van de Duitsers) de felle antisemitische “IJzeren garde” uit de regering omdat de ongeregeldheden de maatschappij begonnen te verstoren. De Zionistische wereldfederatie mocht vrij opereren om een oplossing te vinden voor het Joodse vraagstuk. Zijn plannen om de Joden massaal naar Palestina over te brengen werd door de Engelsen tegen gehouden. Onderwijl gingen de deportaties van Joden en anderen gewoonweg door. Door al deze maatregelen kwam ruim 60% van de Joodse bevolking (deze telde in totaal zo’n half miljoen mensen) om het leven. In de voetsporen van het Duitse leger heroverde Roemenië tijdens operatie “Barbarossa” (Augustus 1941) de provincie “Bessarabie” en verkreeg als beloning het gebied “Transinistrie” wat tot Rusland behoorde. Antonescu genoot het volledige vertrouwen van Hitler en zond maar liefst 15 divisies naar het oostfront om het “rode gevaar” te elimineren.




Het gouvernement Transinistrie: 

Tijdens WWII overtuigde Adolf Hitler de toen ultra rechtse Roemeense premier “Antonescu” ervan om Transinistrie te veroveren als compensatie voor het aan Hongarije verloren deel van Transsylvanie. De Roemenen stemden toe en veroverden tezamen met de andere As-landen, tijdens Operatie “Barbarossa” het gebied op de Sovjet-Unie. Op 19 Augustus 1941 kwam het onder Roemeens bestuur en werd het “Gouvernement Transinistrie” opgericht. Het zou onder militair bestuur blijven gezien de ontwikkelingen aan het Oostfront. Het gebied was een stuk groter dan de huidige autonome regio “Transinistrie’ dat in het huidige Republiek Moldavie ligt en werd begrensd door de rivieren de “Dnjestr” en “Boeg”; “Odessa” was de hoofdstad. De regio werd bevolkt door zo’n 2,2, miljoen inwoners waaronder 1,8 miljoen Oekraïners en voor de rest 200.000 Roemenen maar ook duizenden Russen, Duitsers, Bulgaren, Joden en Polen. Onder het bewind van “Antonescu” werden 200.000 Joden en Roma het slachtoffer van de bezetting van “Transinistrie”. Het gebied werd gebruikt om vanuit Roemenië, Bess Arabië en Bucovina Joden naartoe te deporteren. Hier waren verschillende concentratiekampen en doorvoerkampen.

 

Op 29 Januari 1944 veroverde het Rode Leger de regio weer. Het gebied dat nu als Transinistrie bekend staat werd bij de Republiek Moldavië ingedeeld en het overige gebied bij de Oekraïne. Na de mislukte slag om “Stalingrad” trachtte “Antonescu” de kleinere As-staten te bundelen om tegen de Geallieerden te vechten. Toen dit plan mislukte steunde hij z’n minister van Buitenlandse Zaken (met dezelfde naam) met diens vredesinitiatieven. Het was 1944 toen de Roemenen een alles beslissende slag verloren nabij “Iasi” tegen het naderende Rode leger. De zittende premier en dictator “Ion Antonescu” werd gearresteerd en koning Michael initieerde een staatsgreep (met enkele loyale generaals en partijleiders) en beëindigde op 23 Augustus de dictatuur van Antonescu. Hij verklaarde Duitsland de oorlog, de over 50.000 gelegerde Duitse troepen in gevangenschap nemend en ging praten met de Russen. Antonescu werd opgesloten in de kamer waar de koninklijke postzegelverzameling werd bewaard en deze werd later aan de Russen uitgeleverd. Op 1 Juni 1946 zou de dictator samen met drie handlangers geëxecuteerd worden in de gevangenis “Fort Jilava” in de buitenwijken van Boekarest.  Nadat Roemenië vrede had gesloten met de Russen en het veroverde gebied had teruggegeven bombardeerde de “Luftwaffe” als wraak de hoofdstad en de olievelden in de “Banat” regio.

 

Op 25 Oktober 1944 drongen Roemeense en Russische troepen de Duits-Hongaarse troepen steeds verder terug en heroverde “Transsylvanie”. In het verdrag “Vrede van Parijs” uit 1947 moest Roemenië bovendien Noord-Boekavina en Bessarabie teruggeven en werd het gebied “Zuid-Dobroedzja” aan Bulgarije gegeven. Tijdens dit verdrag werd ook duidelijk dat koning Michael gedwongen werd af te treden – hij zou asiel aanvragen in Zwitserland. Het aantal slachtoffers aan Roemeense kant tijdens de gehele WWII was overweldigend; een half miljoen Roemeense soldaten stierf voor het vechten aan de Duitse zijde terwijl zo’n 170.000 aan de Geallieerde kant.


Het Communistische tijdperk


Terwijl Russische troepen gelegerd waren in Roemenië werden er in 1946 “valse” verkiezingen in het land georganiseerd. Ondanks het feit dat de Russen ervoor gezorgd hadden dat Transsylvanie weer bij Roemenië behoorde, was het toch onder valse voorwendselen dat de communisten (die voor de oorlog niet meer dan 1000 leden hadden) wonnen. Koning Michael werd verzocht afstand te doen van de troon en het land werd van monarchie een republiek. Communist “Gheorge Gheorghiu-Dej” kwam aan de macht. Roemenië was een communistische staat die tot 1958 onder direct militair en economisch bestuur van de USSR stond. In deze periode werden de schaarse middelen die Roemenië na de Tweede Wereldoorlog nog overhad, overhandigd aan (lees: weggenomen door) de Russen na een verdrag, de “SovRom”: gemixte Sovjet-Roemeense bedrijven moesten de schade van de Russen in de Tweede Wereldoorlog goedmaken, naast “genereuze” herstelbetalingen aan de USSR. Tijdens deze periode werden er meer dan twee miljoen mensen vaak willekeurig gevangengenomen, veelal op grond van voorgewende politieke, economische of andere redenen. Er waren honderdduizenden moorden, martelingen en misbruiken van politieke tegenstanders en gewone burgers. Minstens 200.000 mensen verloren tussen 1948 en 1964 hun leven wegens communistische machtsuitbreiding in Roemenië. Ook werden straatnamen “Russisch” en werd een meer “Slavischë” taal geïntroduceerd. In 1958 verlieten ook de laatste Russische troepen Roemenië.  

 

In 1965 overleed “Dej” en nam “Ceausescu”  het stokje over. Er werd een nieuwe grondwet aangenomen en de naam van het land werd veranderd van “Volksrepubliek Roemenië” tot “Socialistische Republiek Roemenië”. Twee jaar later, toen “Ceausescu” staatshoofd werd vaardige hij “decreet 770” uit – onder z’n dictatuur streefde Roemenië naar een onafhankelijker koers binnen het Sovjetblok. Het binnenlands bestuur kenmerkte zich intussen door een toenemende hardheid t.a.v. alles wat als dissident gedrag werd aangemerkt. De invloed van internationale financiële organisaties zoals het IMF en de Wereldbank groeide en kwam in conflict met Ceaușescu’s autarkische politiek. Ceaușescu stelde uiteindelijk een project van totale terugbetaling van de buitenlandse schuld in werking (voltooid in 1989, erg kort voor zijn afzetting). Om dit doel te bereiken, legde hij een beleid op dat Roemenen verarmde en de Roemeense economie uitputte. Hij breidde de politie uit en voerde via de massamedia een persoonsverheerlijking naar Noord-Koreaans voorbeeld op. Een positieve ontwikkeling tijdens deze periode was een vrijwel complete alfabetisering en de ontwikkeling van een efficiënt onderwijssysteem. Door de onderdrukking van Ceaușescu volgde er een volksopstand in december 1989, begonnen in Timișoara. Ceaușescu werd afgezet en samen met zijn vrouw Elena na een kort schijnproces op een binnenplaats in Târgoviște geëxecuteerd. Ion Iliescu werd direct daarna tot “redder van Roemenië” en later tot president gekozen. Hij is een ex-communist en volgde een gematigde koers. Ook werden opeens beelden van oud dictator en fascist “Antonescu” opgericht, omdat hij tegen de Russen en het communisme had gevochten.



Na de Revolutie


De partij (FSN) nam met “Iliescu” nam direct nadat “Ceausescu”  van het toneel was verdwenen de macht in handen en knoopte betere banden aan met West-Europa. Hij drong aan op veranderingen maar (hij was sinds jaar en dag een communist) niets veranderde, waarop duizenden inwoners het land verlaten. Nadat in 1990 de eerste vrije verkiezingen in tientallen jaren had plaatsgevonden versloeg in 1996 de centrum rechtse populist “Constantinescu” de illustere “Iliescu” en probeerde hij de corruptie aan te pakken, het land lid te maken van internationale allianties en betere banden met vooral buurland Hongarije te bewerkstelligen. In het jaar 2002 werden alle beelden van oud dictator “Antonescu” waren verschenen na de val van het communisme weer weggehaald (om een paar jaar later weer weggehaald te worden). Een jaar later zouden de restanten van de oude overleden koning Carol II uit Portugal overgevlogen worden naar z’n hopelijk echt laatste rustplaats “Curtea de Arges”.  

 

In 2004 werd “Basescu” gekozen als president. Ook hij beloofde de corruptie te bestrijden door bijvoorbeeld alle vroegere leden van de gevreesde veiligheidsdienst “Securitate” te ontmaskeren. Hij zorgde ervoor dat Roemenië lid werd van de “NAVO”. Gedurende de Amerikaanse oorlog in Irak in 2003 was het Roemenië die als een van de eerste z’n vliegvelden vrij gaf voor het landen van oorlogsvliegtuigen. Ook werden er Amerikaanse legerbasissen gebouwd; later lekte uit dat het land de V.S. aanbood een “Oost Europees” “Guantanamo” aan te bieden voor terroristische gevangenen. Vooral de corruptie in landen als Roemenië en Bulgarije had voor lange jaren vertraging gezorgd voordat deze landen in de “EU” mochten plaatsnemen; in 2007 was het dan zover. Reden was misschien wel het hoogste groei uit Europa het jaar ervoor. Miljoenen stroomden binnen voor het opknappen van infrastructuur, ontwikkeling van de handel, welvaart, bescherming van natuur en sociale verzorging. Het land werd in  hetzelfde jaar (en 2008) gewaarschuwd dat als het niets deed aan bovenstaande zaken hen het lidmaatschap weer werd ontzegd maar tot op heden is het behouden. In het begin van 2008 werd nog een hoge groei geconstateerd, daarna viel ook Roemenië net als alle andere Europese landen een stuk terug door de ingegeven wereldwijde crisis. Economen blijven positief – het land heeft een gigantische schat aan potentieel. Eind 2012 werd “Ponta” toch premier van het land – eerder het jaar toen duidelijk werd dat “Basescu” niet zou worden weggestemd (hij zou teveel macht naar zich toe hebben getrokken) door de kiezers d.mv. een referendum pakte eerder genoemde “Ponta’ zijn verlies. Omdat de opkomst minder dan 50% was won de centrumlinkse coalitie van “Ponta” alsnog de verkiezingen.


Huidige Roemenië


De laatste jaren is er een hoop gesteggel of het niet of wel toelaten van Roemenië tot de Schengen landen waardoor de grenzen vervallen. Nederland is fel tegen en er wordt behoorlijke druk geleverd door Brussel om ons land over te halen alsnog over stag te gaan. De Nederlandse regering is bang dat er honderdduizenden Roemenen (en Bulgaren) naar ons land zullen komen. In Maart van dit jaar zou ook Duitsland hebben aangegeven dat het niet toelaat dat Roemenië (al) tot de Schengen landen zou worden toegelaten. Het zou zelfs gedreigd hebben met z’n veto. De Roemenen weten zeker dat het aantal arbeidsmigranten naar West Europa niet erg hoog zal zijn – de meesten zijn al vertrokken naar landen als Spanje en Italië. Ondanks alle speculaties over de Schengen toelating gaf het IMF onlangs toestemming voor het geven van miljarden aan Roemenië om de economie weer te laten groeien door hervormingen. In Maart 2014 vormt “Ponta” een nieuwe coalitie omdat de Nationale liberale partij uit de coalitie stapt. Klaus Johannis wordt in November 2014 de nieuwe president van Roemenië. Zijn uitdager bij de presidentsverkiezingen, de sociaaldemocratische premier Victor Ponta, heeft zijn nederlaag toegegeven. De overwinning van de centrumrechtse etnische Duitser Johannis is opvallend, omdat Ponta gold als grote favoriet bij de verkiezingen. De Roemeense premier Dacian Ciolos heeft in November 2015 voor zijn nieuwe kabinet het vertrouwen gekregen van het parlement. De 46-jarige Ciolos heeft een zakenkabinet gevormd, waar partijpolitiek een stap terugdoet. De ministersploeg van partijloze technocraten en mensen uit het bedrijfsleven kreeg ruime steun van met name de grootste fracties van het land, de liberale en de sociaaldemocratische. De sociaal-democraten in Roemenië zijn terug aan de macht. De PSD won in December 2016 met 45% van de stemmen met op ruime afstand gevolgd door de centrumrechtse PNL met circa 21 procent. Samen met de links-liberale partij ALDE, die rond de 6 procent van de stemmen kreeg, kan de PSD een regering gaan vormen. De nieuwe ecologische partij USR verraste met rond 9 procent van de stemmen. De USR werd een half jaar geleden opgericht en is vooral populair onder jongeren.


actueel:


Februari 2017: machtsmisbruik

De EC wil dat Roemenië de strijd tegen corruptie niet afzwakt, maar juist opvoert. De commissie heeft dan ook grote zorgen over de jongste ontwikkelingen in het EU-land. De Roemeense regering wil namelijk dat ambtsmisbruik voortaan niet meer wordt bestraft als de schade lager is dan omgerekend ongeveer 50.000 euro. Honderdduizenden demonstranten gingen de straat op om daartegen te protesteren. Vorige week had de commissie in een rapport nog de vooruitgang bij de Roemeense rechterlijke macht geprezen in de aanpak van corruptie bij hooggeplaatste functionarissen. Een week later wordt de wet ingetrokken en worden nieuwe maatregelen tegen corruptie aangekondigd. De minister van Justitie stapt op maar de protesten tegen de nieuwe regering gaan door.


Juni 2017: premier “Grindeanu”

Het Roemeense parlement heeft premier Sorin Grindeanu naar huis gestuurd. Een motie van wantrouwen kon rekenen op enorme steun, ook van de regeringspartijen. Grindeanu verloor onlangs de steun van zijn eigen sociaaldemocratische PSD en de liberale coalitiepartij ALDE. Hij weigerde echter op te stappen. De Roemeense bevolking ging eerder dit jaar nog massaal de straat op om te protesteren tegen de regering, die ervan werd beschuldigd een campagne tegen corruptie af te zwakken. Grindeanu trok daarop een omstreden decreet in, waarin was vastgelegd dat ambtsmisbruik alleen zou worden vervolgd als er een bedrag mee was gemoeid van meer dan 45.000 euro. Volgens onafhankelijke waarnemers was dat vermoedelijk tegen het zere been van zijn partijgenoten. Zij zouden een premier willen die meer doet om hoge partijleden te beschermen die worden beschuldigd van corruptie.


zie ook: